zondag 6 februari 2011

Portland, Oregon

Modest Mouse, Shins, Pavement, Spoon, Death Cab for Cutie, Laura Veirs, the Decemberists, Pink Martini, Dandy Warhols, M. Ward, Elliot Smith, Floater. Allemaal bandjes die ik wel eens in meer of mindere mate gehoord heb. Ze hebben allemaal een overeenkomst, want hun basis ligt in Portland, Oregon, een plaats In het noordwesten van de Joe Es of Ee, zuidelijk van Seattle. Ik stelde me de vraag wat al deze moderne beatorkesten te zoeken hebben in Portland en op het Heilige Internet bleken er meerdere idioten met deze vraag rond te lopen (waar kan een mens zich allemaal druk over maken). Er komt eigenlijk geen eenduidig antwoord op de vraag en het mysterie wordt alleen maar groter, omdat het daar soms 45 dagen achter elkaar kan regenen. Dat is natuurlijk wel een goede gelegenheid om binnen een potje herrie te gaan maken, maar toch: het blijft onduidelijk en dat moet ook maar zo blijven.
Een van de moderne beatorkesten die recentelijk een mooie plaat heeft uitgebracht die onder de noemer Americana zou kunnen vallen is (zijn?; dit is een grammaticale kwestie waar ik niet uit kom: een van de moderne beatorkesten ... is enkelvoud en .... the Decemberists is meervoud. Ik heb hier te maken met een onderwerp en naamwoordelijk deel van het gezegde en deze zijn niet congruent. Voorbeeld: 'die man is leraren' of 'die mannen is leraar' zijn allebei fout: niet congruent. Gelukkig zitten er 2 verschillende talen in deze zin, dus het wordt 'zijn'.)Wat een geleuter allemaal. Het gaat dus om the Decemberists. Altijd goed bandje geweest en hun nieuwe plaat, The King is Dead, mag er ook weer zijn. Hieronder 2 links: een, qua geluidskwaliteit, redelijke live-uitvoering, maar qua muzikale uitvoering wel weer zwaar voldoende versie van This is why we Fight

http://www.youtube.com/watch?v=4HneTOlyYDo&feature=fvst

en een met zonder bewegende beelden met de originele plaatversie

http://www.youtube.com/watch?v=qoa5AL6VFk0

donderdag 3 februari 2011

Proef

Ik zit nu knettergek te worden in een wachtkamer van een artsencollectief in Gestel-buiten-de-rondweg. Men ligt al ruim 40 minuten achter op schema en ik weet ook al dat dit een nodeloos bezoek zal zijn. Deze artsin weet namelijk niets en daarom zal zij mij verwijzen naar de dermatoloog, die de schurftachtige plek op mijn gezicht zal analyseren. Ik heb echter wel geleerd hoe ik vanaf mijn Aaifoon een bericht de wereld in stuur en dat is dan weer fijn.
Naschrift (ik zit inmiddels bij de apotheek te wachten); het schaap zei: 'ik ben niet tevreden; ik heb dit nog nooit gezien, ik verwijs u door naar een dermataloog'. Daarna kuchte ze in mijn gezicht, ging achter de kompjoeter zitten, liet een zachte boer en vulde tergend langzaam wat formulieren in en een receptje. Tijdens dit alles pleegde ze ook nog een telefoontje met haar man om te melden dat ze later thuis kwam.
Proef geslaagd, patiënt overleden.

woensdag 2 februari 2011

Bertus

Het is heisa in de Arabische wereld (zijn Egyptenaren eigenlijk Arabieren) en dan is het wachten op Bertus Hendriks. Bertus was eerst een stem op de Wereldomroep, maar werd een jaar of 15 geleden een gezicht toen hij af en toe op de verrekijk verscheen. Bertus blinkt uit in het uitleggen van Midden-Oostenkwesties en al de voor ons onbekende politieke en sociale emoties aldaar. Een kundig man.
Het wachten begon dinsdag tijdens DWDD, maar dat was eigenlijk al bij voorbaat tevergeefs want Bertus verschijnt niet in programma's waar hij niet mag uitspreken en waar men niet naar elkaar luistert. Ik moest nog wel de weeë uber-empathie van Martin Simek aanhoren over hoe hij de emoties tijdens de Praagse revolutie in 1989 duidde. En er was natuurlijk ook een analogie met de gevoelens van de mensen op dat plein in Caïro. Simek weet dat allemaal, hij weet exact hoe ieder individu van de wereldpopulatie in elkaar zit.
Gelukkig verscheen na een paar uur Bertus-zelluf. De avond daarvoor had hij al overtuigend en in kernachtige zinnen uitgelegd hoe het allemaal zat en zit (hij heeft die achterlijke Simek emo-pauzes in elke zin namelijk niet nodig). Hij deed dit lekker ouderwets, staande voor een kaart en maakte ons in enkele minuten genoeg insider om iets van de problemen te begrijpen.
Dinsdag was hij er gelukkig weer; helaas moest hij blijven zitten. Hij debiteerde zijn mening, liet een ander ook met zijn tegengestelde mening komen, luisterde aandachtig en kwam na een minuut of 5 met een zin waarin hij als kenner zijn verwachtingen uitsprak: 'hoogstwaarschijnlijk wordt over een paar dagen de chef-staf van het leger, Umar Bin Hassan, naar voren geschoven om een overgangsregering te vormen. Deze man is getrouwd met de achternicht van koning Faroek van Saoedi-Arabië, waardoor hij zowel door de Arabische wereld als een acceptabele machtsfactor wordt gezien alsook door de protesterende massa. Daarnaast heeft hij ook al bewezen dat hij in het Midden-Oostenconflict een belangrijke factor kan zijn als het gaat om de gewapende vrede tussen Israël en de Palestijnen niet te laten escaleren in een gewapend conflict. Bovendien heeft hij door de militaire oefeningen met de Amerikanen ook een goede band met John Kerry, hoofd van de Senaatscommissie voor Buitenlandse Zaken.' Bovenstaande zinnen zijn volledig fictief ( deze keer niet integraal overnemen, redacteurtjes van klokkenluideronlinepuntnl! Eerst even de bronnen tsjekken, weetjewel, anders schrikken de mensen weer) en berust nergens op, maar is een voorbeeld van wat Bertus er allemaal moeiteloos en onverwacht uit zou kunnen gooien, want hij heeft kennis en visie, dit in tegenstelling tot Simek die alles gemakshalve maar op emotie baseert.
Hopelijk vanavond nog meer Bertus!

dinsdag 1 februari 2011

PTSS

PTSS, ofwel Post Traumatisch Stress Syndrom. Anders gezegd: een militair maakt in een oorlogssituatie iets vervelends mee en wordt daar later in zijn leven psychisch mee geconfronteerd en draait door, op welke manier dan ook. Dat kan gebeuren en is verklaarbaar; het menselijk brein is niet overal tegen bestand. Onze Nederlandse politie-agenten en ME'ers schijnen ook al massaal aan PTSS te lijden, zo hoorde ik op de radio. Vervelend!
Maar goed, daar wil ik het niet over hebben. Wel over alle moderne assertieve ouders die over 5 jaar met hun kind naar school komen en melden dat hun kind ook PTSS heeft. Op 6-jarige leeftijd heeft hij of zij namelijk een ijsje laten vallen of een kompjoeterkeem is onverwacht gekresjt en dat heeft het kind nog steeds niet verwerkt. Of we daar maar rekening mee willen houden. Het kind heeft ook een 'rugzakje' want tegen die tijd is PTSS al lang een geaccepteerde aandoening. Ook bejaarden die een lekke rollatorband hebben, lijden aan PTSS. Eigenlijk lijdt iedereen tegen die tijd aan PTSS, het heerst, het is de nieuwe Spaanse Griep. Kamervragen!
De jongens van de ME-troepen die hier een demonstratie in Rome in de gaten houden (er wordt daar elke dag wel ergens voor of tegen gedemonstreerd) hebben daarentegen weinig last van PSTT. Het zijn tamelijk normale mannen; kijk maar (klik op foto) naar 5 van de 10 ME'rs op de 1ste rij. Met belangstelling en vreugde volgen zij de vrouw (die er ook van geniet en het niet als vrouwonvriendelijk ervaart en dus ook geen PTSS-lijder zal worden) die net gepasseerd is.

maandag 31 januari 2011

Hysterisch winkelen

Hysterie: ziels- of zenuwziekte, m.n. bij vrouwen voorkomend die zich uit in de gemoedsstemming, in verlamming, kramp, zenuwachtigheid en tal van andere verschijnselen. (van Dale, Elfde herziene druk).


Kan een man dieper zinken dan op deze foto? Normaal wacht ik altijd buiten de betreffende zaak als de dames iets of niets van hun gading gezien hebben. Soms loop ik even bedreigend binnen als het te lang duurt, maar deze keer waren de benen moe, het brein murw en bovendien stonden er stoelen, dus ik besloot om plaats te nemen en te aanschouwen hoe een van mijn dochters 2 personeelsleden volledig dol aan het draaien was. Schoen aan, schoen uit en maar verder de collectie door. Uiteindelijk besteedden de, toch immer galante Italiaanse schoenverkoopsters er nog amper aandacht aan. 'Ja, maat 35 is beter voor m'n linkervoet en maat 36 is beter voor m'n rechtervoet'. Ik keek of er een teil, emmer of lege schoenendoos in de buurt was. De anti-peristaltische bewegingen waren weer op aan het komen, de strijd tegen het zuur was weer begonnen. Een forse, maar gelukkig korte zweetaanval. Na verloop van tijd werd de koop gesloten en mocht ik naar buiten.
Dit was slechts een voorproefje van het volgende dreigement, want mijn andere dochter zei bij het naar buiten lopen:'ik heb zin om morgen eens fijn hysterisch te gaan winkelen'. Ik dacht na bij deze woorden; fijn hysterisch winkelen, wat betekent dat? Als een gek door het winkelgebied bij de Spaanse Trappen rennen en daar het personeel krankzinnig maken hoogstwaarschijnlijk. Ik hoefde gelukkig niet mee en mocht zo maar naar Lazio - Fiorentina met de vrienden (ook slachtoffers) van mijn dochters en liet de dames en verkopers in hun hysterie met een goed gevoel alleen en zo werd het toch nog gezellig.

dinsdag 25 januari 2011

Feest!

Later die avond vond ik mezelf terug, hangend tegen de muur in café Happy End. Het was carnavalsdinsdag en we hadden van de laatste 32 uur, 4 uur geslapen. Ik observeerde de omgeving; er werd gedanst op het biljart en achter in het café, de sfeer was desalniettemin relaxed. Sympathy for the Devil van de Stones weerklonk, daarna wat van Michael Jackson gevolgd door Joy Division. Carnaval in Eindhoven dus. Ik keek rechts van me. Hans H. was ook nog aanwezig en stond ook min of meer vanuit een andere kosmos de menigte te beschouwen. Het was de fase waarin fictie werkelijkheid kan worden en werkelijkheid fictie. De rest van de vrienden was verdwenen, ofwel uitgeput dan wel in een andere kroeg. We oudehoerden wat en dronken er nog een. Ineens kwam ze uit de menigte: blonde pruik, laarzen tot op de knieën en een witte lange lederen jas. Haar gezicht kwam me bekend voor, maar wie was het?
Dat moment gaan we de komende dagen vieren en daarom zal uw blogger tot volgende week maandag even afwezig zijn.

maandag 24 januari 2011

Bugac

Bugac is een nederzetting in de Hongaarse poesta. De poesta is net zoiets al een woestijn, maar dan enigszins begroeid; desolaat. Op zich opent dat perspectieven, want die verlatenheid is meestal reinigend voor het hoofd. Ik ben 5 dagen in Bugacs geweest en heb er echter nog steeds een licht trauma van. Vanuit Boedapest werd ik naar Bugacs vervoerd om daar m'n Hongaarse teamgenoten te ontmoeten waarmee we het curriculum voor het Hongaars moedertaalonderricht op het MBO zouden beschouwen en het 'Europa-proof' zouden gaan maken. Ik had het huidige curriculum al mogen zien en deze week zou ik met een plan moeten komen voor wat betreft herschikken, aanpassen en eventueel verbeteren. Ze hadden zelf ook al een voorstel gemaakt.
Dag 1 en 2 werd ik aan een kruisverhoor onderworpen. De achterliggende gedachte bij de Hongaren was dat een 'niet-Doctor' nooit capabel kon zijn om ook maar iets te zeggen over hun inhouden. Zij waren allemaal wel Doctor en dus universitair geschoold (een Hongaarse Doctor is net zoiets als een Nederlandse Doctorandus). Even terzijde: in Finland (momenteel onderwijsland nummer 1 in de EU), moet ook iedere docent universitair geschoold zijn; een docent verdient daar vrij middelmatig, maar docent is in Finland nog een soort eretitel en daarom nemen veel academici het matige loon voor lief.
Enfin, het examen heb ik overleefd en daarna was het mijn beurt om met ideeën te komen. Voor tweederde was ik het wel eens met de inhoud, maar sommige zaken gingen mij te ver. Die tijd konden we beter gebruiken. Het ging mij vooral om de overdosis literatuur. Een 17-jarige MBO'er Werktuigbouwkunde moest o.a. hele stukken uit Dante's La Divinia Comedia op kunnen zeggen en Ulysses van James Joyce gelezen hebben en kunnen duiden. Ik wist dat het moeilijk lag om hierin te gaan schrappen, maar m.i. moest er plaats gemaakt worden voor andere zaken zoals bijvoorbeeld het schrijven van een sollicitatiebrief of het maken van een testrapport of modificatieplan (hoefde waarschijnlijk voor 1989 niet, maar stond nog steeds niet in het lesprogramma -we spreken over 1993). De literatuur werd bovendien vrijwel niet in de context gezet, dus m.i. onzinnig tijdverlies voor een 17-jarige werktuigbouwkundige in opleiding. In mijn voorstel hield ik de Hongaarse literatuur wel in stand (was de enige manier om te kunnen onderhandelen). In de namiddag van dag 3 presenteerde ik mijn voorstel. Ze trokken zich terug. Ik keek naar buiten: leegheid. Mobiele telefoons waren er niet, televisie niet aanwezig. Radio: niet te verstaan. Heilige Internet: bestond nauwelijks. Ik had wat boeken bij me en een walkman, maar de spanning die vooraf ging aan het uiteindelijk oordeel zorgde er voor dat ik me ook daar niet op kon concentreren. Ik was ik, en niets meer of minder. Ik moest het even uitzoeken met wat er in mijn hoofd zat. Als ze m'n voorstel zouden afkeuren, zouden de komende weken een hel zijn. Ik was onzeker en vroeg me af waarom ik in dit avontuur was gedoken. Het panzio was leeg, op de beheerder na. Aan de drank ging ook niet, want mijn hersenen moesten in topvorm zijn bij mijn antwoord. Ik had geen auto en het weer nodigde niet uit om buiten te gaan lopen. Desolaat dus. Van alles en iedereen verlaten.
Na een uur of 2 kwam de delegatie terug, 8 mensen tegenover me. Ik verwachtte een lang betoog (typisch voor Hongaren en dat is een van hun positieve eigenschappen: retoriek staat hoog in het vaandel) met daarin veel gedetailleerde kritiek die ik wel op kon vangen. De tolk was echter kort en bondig: 'Agreed, but not accepted!' Enigszins verdoofd wankelde ik naar achteren en liet de zin op me inwerken. Het kwam uiteindelijk nog goed en achteraf bleek de intentie zuiver; ze wilden nog verder de discussie in.